De aanvraag voor een promotieonderzoek moet worden ingediend voor 1 juni en het volledige dossier moet voor evaluatie beschikbaar zijn voor 1 september. De kandidaat beschikt over een licentie en een Diploma Hogere Studies of een Bachelor en tweejarige Master in protestantse theologie met afstudeerrichting wetenschap en onderzoek (30 ects). Deze eenheid kan ook na een Licentie of Master met een andere afstudeerrichting (bijv. predikantschap) behaald worden zijn.

Het dossier bevat:

  1. Brief met motivatie, kort cv, recente foto, contactdata, financieringsopzet,
  2. Niet-Europese studenten: verblijfsvergunning, Bewijs van humaniora of gehomologeerd diploma,
  3. Examenbewijzen Bachelor en Master (normaliter grote onderscheiding of beter bij de Master), bewijs van 30 ects onderzoek**
  4. minstens 2 aanbevelingsbrieven van hoogleraars van erkende theologische faculteiten (maximaal 1 van de Faculteit van opleiding, ten minst. een Europese Faculteit).
  5. een exposé over het geplande onderzoeksproject met wetenschappelijk relevantie.

*Kandidaten die aan de FPG hun Master behaald hebben, hoeven alleen de ontbrekende documenten in te dienen.

**het studiepakket onderzoek kan vervangen worden door het voorleggen van onderzoeksresultaten zoals gepubliceerde of publiceerbare artikels, openbare lessen ezv.

 

De evaluatie gebeurt door twee door de docentenvergadering aangewezen hoogleraren waarvan een de begeleider zal zijn. Deze maken een persoonlijke afspraak met de kandidaat/e en geven hun bevindingen door aan de docentenvergadering.

Een beslissing zal in gemeenschappelijk overleg worden genomen door de docentenvergadering van september of oktober.

De administratieve inschrijving (invullen formulier, betaling van het eerste collegegeld) gebeurt via het secretariaat voor 1 december of vervalt.

Verloop

De student heeft per semester recht op minstens 2 persoonlijke ontmoetingen met zijn begeleider. De begeleider heeft recht op minstens 2 persoonlijke ontmoetingen met zijn student. Hij bericht aan de docentenvergadering over de vooruitgang van het onderzoek.

De student legt eens per jaar en in overleg met zijn begeleider zijn onderzoeksresultaten voor aan de studenten, docenten, studiedeelnemers en bezoekers. Dit kan gebeuren tijdens een college of een studiedag of in een onderzoeksgroep.

 

Evaluaties

Een eerste evaluatie gebeurt door 2 door de docentenvergadering aangewezen hoogleraren tegen het einde van het 2de jaar van de inschrijving (juni). Zij leggen hun bevindingen voor aan de student en aan de docentenvergadering.

Bij inactiviteit of negatief advies wort de student uitgenodigd voor een gesprek met de docentenvergadering.

Een tweede evaluatie heeft plaats na 5 jaar.

Na de derde evaluatie (na maximaal 8 jaar) wordt een datum voor de inlevering van de tekst vastgelegd. Deze wordt door 2 hoogleraren geëvalueerd. Zij kunnen een hoogleraar van buiten de Faculteit bij het overleg betrekken. Eventueel worden verbetervoorstellen gedaan en een nieuw datum bepaald.

Bij een positief besluit wordt een datum voor de verdediging vastgelegd. Tussen besluit en verdediging liggen ten minste 8 weken (zonder de verlofperiode mee te rekenen).

 

Duur

–                         individueel te bepalen, maar minimaal 2 jaar, maximaal 10 jaar.

–                         een hoogleraar blijft na zijn pensionering nog min. 1 tot max. 5 jaar ter beschikking om een doctoraat af te ronden. Hij wordt dan per jaar benoemd.

–                         De docentenvergadering kan na het emeritaat van een hoogleraar het dossier van een doctoranda/-us toevertrouwen aan diens opvolger of aan een andere collega.